Elfen en zeepaarden in Ulrum

ULRUM - In het voormalig stationsgebouw van Ulrum openden Bruce de Jonge en Astrid Koper begin deze maand Museum de Eenhoorn. Dit museum, op de benedenverdieping van hun monumentale woning, is vooral gewijd aan het magisch realistische werk van de schilder en tekenaar Johfra.

Johfra (1919-1998), pseudoniem van Franciscus Johannes Gijsbertus van den Berg, is bij het grote publiek bekend geworden door zijn sterrenbeeldposters. In de jaren 70 prijkte boven menig bed en zitkuil een poster uit deze dierenriemserie.

Een werk uit die serie hangt niet in De Eenhoorn maar wel een veertigtal andere schilderijen en (krijt)tekeningen van Johfra. Werken die zich in al hun fantasierijkheid stuk voor stuk lastig laten beschrijven. De meeste doeken bieden een venster op een andere wereld. Werelden die we slechts kennen uit dromen, sprookjes en mythen: soms vrolijk en feeëriek, soms met een meer donkere inslag. Na een paar werken te hebben gezien, verbaas je je niet meer over een groepje verdekt opgestelde elfen, een angstig kijkend zeepaard of een eenhoorn.

Eigen stijl

“Veel mensen die hier komen hebben net als jij al snel de associatie met The Lord of The Rings”, zegt Astrid Koper. “Dat klopt ook wel, want dat boek was zeker iets waardoor hij was geïnspireerd.” Verder is ook de invloed van Salvador Dali en Da Vinci terug te zien, twee kunstenaars die voor hem grote voorbeelden waren.

Toch heeft Johfra zijn volstrekt eigen stijl, onderstreept Bruce de Jonge: “Je kan hem niet echt vergelijken met iemand anders vind ik, althans niet in de tijd waarin hij actief was. Later zijn er natuurlijk ook best mensen met dezelfde techniek gaan schilderen. Maar de symboliek die hij in zijn werk stopte en hoe hij dat deed, dat soort werk maakte in zijn tijd bijna niemand.”

Ondanks deze symboliek, waarbij Johfra onder meer putte uit zijn interesse in mystiek, kan zijn werk niet als ‘moeilijk’ gekarakteriseerd worden. Het hoeft niet per se begrepen te worden door de toeschouwer.

Zo ook het grote schilderij ‘Heer van de Wereld’, dat een van topstukken is in Museum de Eenhoorn. Op het doek van 1,50 meter breed zit te midden van een rotsachtige fantasy-wereld een mythologisch aandoend wezen, met zowel mannelijke als vrouwelijke kenmerken. Om hem heen enkele honderden naakte mensen. Ze ogen tevreden. In de lucht vliegen vleermuisachtige menswezens – of zijn het engelen? Iedere toeschouwer zal er zijn eigen verhaal in zien.

Én er nieuwe dingen in ontdekken. Astrid: “Ik zie nu ook weer dingen die ik niet eerder zag, terwijl het eerst een tijd in ons vorige huis in de huiskamer heeft gehangen. En tja, wat het betekent? Zijn vrouw zei ook altijd: ‘Je moet gewoon zelf zien wat je erin wilt zien.’ Dat vind ik zelf ook deel van de lol.”

Lórien

Het opvallende aan de carrière van Johfra, legt Bruce uit, is dat hij in zijn hoogtijdagen populair was bij het brede publiek, maar door kunstcritici niet serieus werd genomen. “Zij waren vooral geïnteresseerd in meer vernieuwende kunstuitingen, zoals bijvoorbeeld de Ploeg. Ook musea moesten niks van hem hebben. Wat ik in dit licht dan wel knap van hem vind, is dat hij altijd is blijven doen wat hij zelf wilde. En uiteindelijk kon hij er ook ruim van leven. Na die posteruitgave is hij echt bekend geworden. Die posters waren ook in Amerika een groot succes. En zijn schilderijen verkochten vooral in Nederland heel erg goed.”

Johfra woonde sinds 1964 in Frankrijk, eerst in Zuid-Frankrijk, later in de Dordogne met zijn tweede vrouw. Zij schilderde ook – onder de naam Ellen Lórien. In de Eenhoorn hangen enkele van haar werken. Zij was vooral in Frankrijk een gekende schilderes. Haar echte naam luidt: Ellen de Jonge. En zij is de tante van Bruce de Jonge.

Deze link vormt dan ook de sleutel tot de ontstaansgeschiedenis van Museum de Eenhoorn. Want het stond niet in de levensplanning van Astrid en Bruce – beiden Juridisch medewerker bij het UWV – om eens een museum te beginnen. Het kwam natuurlijkerwijs op hun pad, leggen ze uit.

Tegen het einde van haar leven was Ellen Lórien zoekende naar een geschikte bestemming voor de werken van Johfra, voor als ook zij er niet meer zou zijn. De vele honderden werken die Johfra had gemaakt, hadden vrijwel allemaal een plek bij particulieren. Maar de werken die nog in haar huis hingen, wilde ze na haar dood het liefst in een museum bij elkaar hebben.

La Licorne

Bruce: “Op een gegeven moment toen ze voelde dat het einde naderde vroeg ze of we de werken wilde ophalen en meenemen naar Nederland. Dat hebben we gedaan. We hebben verschillende musea benaderd met de vraag of ze het wilden hebben. Dat heeft echter tot niks geleid. “

Zodoende ontstond langzaam het idee om zelf iets op te zetten. Astrid: “We vinden het zonde als het ergens in een depot staat opgeslagen. En op een gegeven ogenblik kwam alles een beetje samen. We hadden 22 jaar in Burum gewoond en wilden wel weer iets anders en toen wees iemand ons op dit pand. Dat leent zich uitstekend voor het exposeren van deze werken. Dat is de reden dat we voor dit huis gekozen hebben. Nu kunnen zowel wij zelf als anderen ervan genieten. En de naam? Die is afgeleid van de galerie die Johfra en Ellen aan huis hadden: La Licorne.”

Bruce: “Waar we over tien jaar zijn, dat weten we niet. Misschien zitten we hier dan nog steeds. Maar wat er ook gebeurt, we willen het niet verkopen. Alles blijft bij elkaar, dan kunnen anderen er ook van genieten.”

Openingstijden: Zondagen 13.00 – 17.00 uur van mei tot september, en op aanvraag. Entree: Volwassenen en kinderen vanaf 12 jaar € 2,50.

Website: www.museumdeeenhoorn.nl

Tekst: Arjen J. Zijlstra