Leerlingen van De Zoutkamperril geven aftrap dijkversterking Lauwersmeergebied

ZOUTKAMP

Leerlingen van groep 7 en 8 van SWS de Zoutkamperril brachten vanochtend met de schep symbolisch het eerste zand aan voor de dijkversterking rondom het Lauwersmeer.

Dat deden zij samen met Eisse Luitjens, Dagelijks Bestuurslid van waterschap Noorderzijlvest en Erik Poel van Reef Infra B.V. Het waterschap heeft de opgave om de keringen voor 1 januari 2020 te versterken, zodat ze de komende 50 jaar weer voldoen aan de normen voor waterveiligheid. Reef Infra B.V. voert de werkzaamheden uit.

Op maandag 3 december startte Reef al met het verwijderen van begroeiing op de dijk en met het ophogen van de dijk rondom camping Lauwersoog. Het komende jaar wordt in totaal 32,8 kilometer aan keringen opgehoogd of verbreed. De verhoging varieert van 10 cm tot bijna 100 cm op het deel tussen de kazerne en het dorp Zoutkamp.

De werkzaamheden zijn nodig, omdat de keringen tijdens de laatste beoordeling niet hoog en/of stabiel genoeg zijn bevonden voor onze toekomstige waterveiligheid. Hierbij is goed gekeken naar de effecten van klimaatverandering en de gevolgen van bodemdaling.

Verbinding

Reef Infra B.V. voert dit project uit met o.a. de partners Beukema Grondwerken BV, Kramer Metslawier BV en De Boer Burgum BV. Erik Poel: “Als Reef Infra zijn we trots dat wij als beste expert uit de bus zijn gekomen om dit belangrijke project te realiseren. Wat ik vooral mooi vind is dat wij met onze regionale kennis in staat zijn om een verbinding te leggen tussen lokale partijen. Ook vandaag zien we die verbindende kwaliteiten terug door de omgeving en de leerlingen van SWS de Zoutkamperril in het project te betrekken.”

Oog voor omgeving

In de afgelopen maanden spraken medewerkers van Noorderzijlvest en van Reef met verschillende stakeholders, zijn de definitieve plannen verder uitgewerkt en is gestart met voorbereidende werkzaamheden. Eisse Luitjens: “We proberen daarbij ook echt oog te hebben voor onze omgeving. De werkzaamheden worden uitgevoerd door lokale ondernemingen. En tijdens de uitvoering houden we zoveel mogelijk rekening met het broed- en recreatieseizoen”.