Over lijken op het Hoogeland, derde misdaadroman Kajé Dijkema

WITTEWIERUM

Oud-rechercheur Kajé Dijkema uit Wittewierum brengt 16 november zijn derde misdaarom uit: Over lijken op het Hoogeland.

Het gerucht dat een beruchte Groningse drugscrimineel zich van een concurrent heeft ontdaan door hem te vermoorden en het lijk te verbranden wordt binnen de politie als ongeloofwaardig afgedaan. Rechercheur Lucien de Lange uit Delfzijl hecht er wel geloof aan. Bovendien heeft hij nog een rekening te vereffenen met deze crimineel en stort zich daarom vol overgave op de zaak. Hij raakt steeds sterker overtuigd van zijn gelijk als hij verbanden ziet met een aantal actuele schokkende gebeurtenissen. Zijn speurtocht naar de waarheid wordt echter ernstig bemoeilijkt door arrogante chefs, bureaucratische beslissingen en jaloerse collega’s. Lukt het hem om het bewijs rond te krijgen?

Voor degenen die Kajé nog niet kennen van zijn eerste twee misdaadromans Dwaallichten en vallende sterren en Obsessies, stelt hij zichzelf hieronder nog even voor…..

„Mijn naam is Klaas Jan Dijkema, ik ben een 65-jarige rasechte Groninger, die de euvele moed heeft gehad om na een werkzaam leven van meer dan 40 jaar bij de Groningse politie een detectiveroman te schrijven. Ik ben geboren en getogen op het Groningse platteland en het is niemand gelukt om mij uit de Groninger klei te trekken. Ongeveer 45 jaar geleden was een verleidelijke advertentie van de Haagse politie in de NCRV-gids mij bijna noodlottig geworden, maar omdat de Gemeentepolitie van Groningen adequater reageerde op mijn ontluikende belangstelling voor criminaliteitsbestrijding kon ik mijn passie dicht bij de klei tot uitdrukking brengen. Na een opleiding in Lochem de eerste jaren in uniform, het echte veldwerk in de stad Groningen. Daarna een lange periode als rechercheur bij de Vreemdelingendienst, om na een kort oponthoud bij de Criminele Inlichtingendienst de laatste twintig jaar als uitvoerend tactisch rechercheur bij verschillende onderdelen mijn loopbaan te beëindigen. Ik heb het voorrecht gehad om aan veel, vaak geruchtmakende zaken te mogen werken, alle in de sfeer van zware en vaak georganiseerde criminaliteit en variërend van internationale drugshandel tot moord en doodslag. Naast veel tragiek heeft dat werk mij ook veel moois gebracht. Zo heb ik veel van de wereld gezien en vaak in de keuken mogen kijken bij collega’s in het buitenland. In aanloop naar mijn pensionering heb ik met veel plezier (en soms succes) nog een zestal jaren mogen werken aan onopgeloste moordzaken in het Groningse Cold Case Team. Niet zonder trots citeer ik korpschef Oscar Dros, die mij in een afscheidsbrief omschreef als ‘het bevlogen boegbeeld van het Cold Case Team waar nog lang geen sleet op zat…’. Na het verschijnen van Dwaallichten en Vallende sterren en Obsessies dacht ik een tijdlang dat het wel genoeg was geweest. Het waren de bemoedigende reacties van veel trouwe lezers en (ex-) collega’s die mij hebben overgehaald om rechercheur Lucien de Lange opnieuw tot leven te laten komen. In tegenstelling tot enkele kritische recensenten, die de inhoud van mijn boeken weliswaar degelijk, maar niet spectaculair en opwindend genoeg vinden (wat ik overigens wel kan begrijpen), blijken veel lezers en met name de materiedeskundigen vooral de geloofwaardigheid te waarderen. Dat laatste is dan ook precies datgene wat ik beoog en waarin ik mij dan ook bewust onderscheid van de veelal meer succesvolle thrillerauteurs.

Met heel veel plezier heb ik langdurig gewerkt aan de totstandkoming van Over lijken op het Hoogeland. Zoals inmiddels gebruikelijk heb ik ook nu weer persoonlijke herinneringen aan gebeurtenissen, zaken en ontmoetingen in mijn recherchetijd verwerkt in een volledig gefingeerd verhaal.

Misdaadverslaggever Peter R. de Vries heeft weer een voorwoord in het boek geschreven.